Een grappende rechter? Wraking mogelijk!

10 november 2017

Wraking lijkt steeds minder populair. Eerder schreven we over het lagere aantal wrakingsverzoeken in 2016 dan in 2015. Toch kan wraking, als je twijfelt aan de onpartijdigheid van een rechter, een geslaagd middel zijn. Zo blijkt onder meer uit een opmerkelijke zaak voor de rechtbank Maastricht in 2012. De reden voor deze opzienbarende wraking? De rechter maakte teveel grappen! Wat was er aan de hand?! 

Wraking

Iedere partij heeft recht op een onpartijdige rechter. Als een partij redenen heeft om aan de onpartijdigheid te twijfelen, kan hij de rechter wraken. Wraking is in feite het verzoek tot vervanging van die rechter. In artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) is bepaald dat op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen, kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Een grappende rechter

Terug naar de opmerkelijk zaak in Maastricht. Tijdens de zitting maakte de rechter meerdere grappen. Vaststaat dat hij wist dat deze – zoals de rechter ze noemde – “duidelijk als zodanig kenbare absurditeiten” niet door een van de partijen werden gewaardeerd. Al na de eerste ‘grap’ liet deze partij weten dat hij niet van dergelijke grappen gediend was. Deze opmerking was duidelijk en niet voor een andere uitleg vatbaar en moest voor de rechter een niet te missen signaal zijn dat de voor de rechter “kenbare absurditeiten” voor die partij een lading hadden.

Door toch op de ingeslagen weg verder te gaan (lees: grappen te blijven maken) heeft de rechter onvoldoende vermeden, althans bewust het risico op de koop toegenomen, dat de schijn van partijdigheid op enig moment kon ontstaan. De vrees dat het de rechter aan onpartijdigheid ontbrak, is naar het oordeel van de wrakingskamer objectief gerechtvaardigd. De rechter wordt gewraakt, en kan misschien beter standup-commedie gaan proberen..

Het meest in het oog springende grapje:

“Een schop kun je krijgen!”

De rechter heeft tijdens de zitting meerdere grappen gemaakt waar de partij die uiteindelijk om wraking verzocht niet om kon lachen, maar de wederpartij wel! Daardoor voelde de verzoeker (van de wraking) zich enorm gekleineerd. Als voorbeeld van een dergelijke grap heeft verzoeker de opmerking van de rechter over de verdeling van het tuingereedschap aangehaald.

Verzoeker heeft ter zitting expliciet aangegeven prijs te stellen op toedeling van een schop (het tuingereedschap) welke voor hem van bijzondere waarde was. De rechter reageerde hierop met de vileine opmerking: “Een schop kun je krijgen”. Een misplaatste grap, zo blijkt. De verzoeker maakte daarop namelijk direct kenbaar dat hij niet gediend was van dergelijke grappen. Toch ging de rechter door met het maken van grappen die, gelet op de context van de zitting, voor de verzoeker pijnlijk waren.

Door de gemaakte grappen voelde verzoeker zich benadeeld en kwam hij tot de conclusie dat sprake was van partijdigheid of in ieder geval de schijn van partijdigheid van de rechter. De wrakingskamer is het met de verzoeker eens, en wees het wrakingsverzoek toe.

Goeie grap?

Eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat wij het (stiekem) best een leuke woordgrap vinden! Maar toch leert deze uitspraak dat een rechter voorzichtig moet zijn met het maken van een (goeie) grap!

 

Lees de (grappige) uitspraak hier.